Inhoudstafel Theorie Oefeningen Trefwoorden
Help |  Mijn gegevens  |  Volledig scherm  |    Log in  
30. ONGEVAL
30.2 Ongeval met lichamelijk letsel
1 / 7   >          Pagina oefenen  |  Hoofdstuk oefenen

30.2 Ongeval met lichamelijk letsel

222-223

Als u betrokken bent bij een ongeval of aankomt op een plaats waar net een ongeval gebeurde, zijn er een aantal belangrijke punten waar u rekening mee dient te houden.
In volgorde van belangrijkheid zijn dit:
 
1. Veilig stellen
Een tweede ongeval of het inrijden van een ander voertuig moet beslist vermeden worden, dus signaleer het ongeval voor het aankomende verkeer.
- Schakel de motor uit en steek de waarschuwingsknipperlichten van je
   auto
aan.
- Een ongevallenlamp kan de signalisatie nog verbeteren door deze voor 
  of op de
auto te plaatsen, zeker in het donker of bij slechte
  zichtbaarheid omwille van mist of
regen. Vermijd dat uzelf
  of omstaanders lichamelijk letsel
oplopen.
- Loop niet nodeloos op de rijbaan.
 
- Blijf nooit wachten op de pechstrook maar ga achter de
  vangrails staan.
- Als hulp niet nodig is, verwijder u dan van de plaats van het
  ongeval, zo
blijft er ruimte voor de hulpdiensten.
- Plaats de gevarendriehoek (liefst 2 gevarendriehoeken) goed
  zichtbaar.
 
2. Brand vermijden
Zorg er voor dat er geen brand ontstaat, dit kan zelfs een tijd na het ongeval nog gebeuren.
- Leg de motor van de auto stil.
- Rook niet in de buurt van een ongeval en voorkom  
   dat anderen roken.
- Bedek uitgelopen brandstof of olie onmiddellijk met zand en
   aarde.
- Neem het brandblustoestel uit een auto om brandhaarden te
   blussen, blus
nooit met water.
- Gooi een niet-brandbaar deken of een speciaal brandwerend
   deken over
een vuurhaard.

 

1 / 7   >          Pagina oefenen  |  Hoofdstuk oefenen
 
Feedback
 
Naam
e-mailadres
Beschrijving
Welke stappen leidden tot het probleem