Overtredingen van de 4e graad brengen de veiligheid van personen rechtstreeks in gevaar en leiden bij een ongeval bijna onvermijdelijk tot fysieke schade.
Straffen
* een boete van 220 tot 2750 euro, en een verplicht verval van het recht
tot sturen van 8 dagen tot 5 jaar (de rechter kan echter weigeren om
het verval uit te spreken mits hij zijn beslissing uitdrukkelijk
motiveert)
Opmerkingen
* Bij herhaling van een overtreding binnen het jaar worden de boetes
verdubbeld.
* Enkel voor bestuurders die geen woon- of vaste verblijfplaats in
België hebben kan een onmiddellijke inning van 300 euro worden
voorgesteld.
Voorbeelden
- Links inhalen op een helling of in een bocht wanneer dit verboden is
- Andere bestuurders aansporen tot overdreven snel rijden
- Verkeerstekens op een overweg negeren
- Rechtsomkeer maken op de autosnelweg
- Straatraces houden