Inhoudstafel Theorie Oefeningen Trefwoorden
Help |  Mijn gegevens  |  Volledig scherm  |    Log in  
10. LICHTEN EN REFLECTOREN
10.5 Bij stilstaan en parkeren
1 / 2   >          Pagina oefenen  |  Hoofdstuk oefenen

10.5 Bij stilstaan en parkeren

118

Als je auto stilstaat of geparkeerd is op de rijbaan of op de berm tussen het vallen van de avond en het aanbreken van de dag en overdag als de zichtbaarheid ten gevolge van gelijk welke omstandigheid minder dan 200 meter bedraagt:
          hoef je geen lichten aan te steken als de openbare verlichting voor een
            zichtbaarheid van tenminste 100 m zorgt.
          als er geen of onvoldoende openbare verlichting is, steek dan je standlichten aan.
          Als je bij mist, sneeuwval of felle regen stilstaat of parkeert mag je vooraan je dimlichten
           of voormistlichten gebruiken en achteraan je achtermistlichten laten branden om
           je voertuig duidelijker zichtbaar te maken voor de andere weggebruikers.
 

1 / 2   >          Pagina oefenen  |  Hoofdstuk oefenen
 
Feedback
 
Naam
e-mailadres
Beschrijving
Welke stappen leidden tot het probleem